Atiu is het meest ongerept van alle eilanden die we in de Pacific hebben bezocht. Het eiland is klein, er zijn slechts 400 inwoners en er zijn geen resorts voor toeristen. De eilandbewoners zijn gemoedelijk en we ontdekken het eiland in een bijzonder karretje. We merken ook de schaarste in voedsel en dat is de enige reden dat we het niet erg vinden als we dit bijzondere eiland weer verlaten.
Familiekarretje met laadbak
Op weg naar Atiu (spreek uit als ‘hatsjoe’ zonder ‘h’) worden we flink door elkaar geschud in het kleine vliegtuigje. Misselijk stappen we het miniluchthaventje op. De enkele andere passagiers worden opgehaald, maar voor ons staat er niemand te wachten.
Onze reservering van een eenvoudige cabin was niet tot het eiland doorgedrongen. Gelukkig is onze contactpersoon toevallig wel aanwezig en ter plekke wordt vervoer geregeld. We worden achterin een pickup gezet en de bagage wordt later opgehaald. Bij de centrale shop wordt er een huurauto voor ons geregeld. De jeep start niet, dus wordt het een klein vrachtwagentje met open laadbak. Het autootje doet ons denken aan de karretje van de lijnentrekker uit een hele oude commercial of dat van de plantsoenendienst in een willekeurig Hollands dorpje.
Het is even puzzelen hoe we onszelf en de kinderen een beetje veilig kunnen vervoeren. De kids achterin, zoals in een normale auto, lijkt ons geen goed idee, want je kunt voor niks horen van achter.
Eentje voor en eentje achter lijkt ons de beste verdeling. Hannah vermaakt zich met het zingen van liedjes in haar eigen taal (een combinatie van Engels, Spaans, Frans en Polynesisch dat ze de afgelopen maanden heeft gehoord). We rijden door prachtig regenwoud. De smalle weggetjes zijn onverhard en soms moeten we de auto uit om gevallen palmboomtakken en kokosnoten van de weg te halen.
Het is een leuke manier om het eiland te ontdekken, maar na een paar uur zijn we het hobbelen zat en bewaren we de rest van het eiland voor de volgende dag. Het tanken gaat hier ook al op een aparte manier. We parkeren naast de shop en met een gieter wordt ons karretje bijgevuld. Dat kan makkelijk, want zoveel kilometers kun je hier niet maken.
Beschutte strandjes helemaal voor onszelf
De volgende dag gaan we eerst op zoek naar de coffee factory die op het eiland zou moeten zijn. Die blijkt dicht te zijn, maar we kunnen nog wel een pak lokale koffie kopen in het koffiewinkeltje. Een kop koffie zit er helaas niet in, dus rijden we langs een van de vijf kerken op het eiland weer het bos in aan de kust.
Vanaf het weggetje door het regenwoud gaat er soms een smal paadje richting de zee. We checken er een paar en komen uit bij prachtige beschutte strandjes die we helemaal voor onszelf hebben. We vinden een strandje waar het diep genoeg is om te kunnen zwemmen in de rustige lagune. We kunnen goed snorkelen tussen het mooie koraal. Naast de vissen zien we veel apart gevormde schelpen.
’s Avonds eten we bij het enige restaurant van het eiland. Er is 1 maaltijd voor iedereen en we zitten met z’n allen aan 1 tafel, het is gezellig en het eten is erg lekker. De locals zijn gek op kinderen en vooral Duco met z’n blauwe ogen is in trek bij de vrouwen.
Hassan doet nog een hardlooprondje over 1 van de weggetjes door het regenwoud naar de kust en gaat via een ander weggetje weer terug. Bekijk de video voor een impressie:
Geen brood en meekijken met de piloten
We hebben al gemerkt dat (vers) eten schaars is op het eiland. Verse producten zijn vaak ’s ochtends vroeg al weggekocht en nu blijkt het schip met meel nog niet te zijn aangekomen waardoor er geen brood meer gemaakt kan worden. Voor Duco die alleen zacht voedsel kan eten is dat een probleem, maar het lukt ons om nog een papje voor hem te maken op de ochtend van ons vertrek.
We kunnen ons trouwe karretje met sleutel in het contact achterlaten op het vliegveldje van Atiu. Hannah speelt met de kinderen van het eiland op de bagageband tijdens het wachten op het kleine vliegtuigje. We zitten dit keer vooraan, vlak naast de motor. Door het lawaai is het niet mogelijk om elkaar te verstaan. We kunnen wel mooi meekijken met de piloten naar de landing op Rarotonga. We blijven nog twee nachten op Rarotonga, pakken al onze spullen weer bij elkaar en vliegen dan naar Nieuw-Zeeland, de volgende bestemming op onze wereldreis.









mooi liedje Hannah!
Leuk vervoermiddel. En bijzonder om ergens te zijn waar voedsel schaars is. Dat kennen wij natuurlijk niet in ons welvaarts landje.